Het nieuwe keurmerk kattenbak

Zo lijkt het keer op keer te gaan; er is een opstootje in de media en de sector paarden trekt zich dit heel erg aan. Vervolgens gaat diezelfde sector met zichzelf vergaderen over hoe ze de buitenwereld toch duidelijk moeten maken dat ze eigenlijk al ontzettend goed bezig waren. Er wordt een commissie gevormd door mensen die al belangrijke posities vervulden, bij de verschillende instanties die er zijn en die ook allemaal met elkaar verweven zijn. Niemand uit deze groepen heeft werkelijk belang bij een concrete verbetering, want dat betekent dat het geld gaat kosten. Een logische keuze is dat er vooral gewerkt wordt aan windowdressing. Het allerbeste is natuurlijk een keurmerk waarmee de schijn wordt gewekt dat alles op orde is. Het liefst betrek je nog iemand bij dit keurmerk die vanuit zijn of haar autoriteit gewicht kan geven aan dit keurmerk. De allerbeste keuze is iemand die verbonden is aan de faculteit diergeneeskunde in Utrecht.

Zo ook nu met het keurmerk welzijn paarden KPW. Wie de website eens goed bestudeert, kan niet anders dan tot de conclusie komen dat hier geldt; “ze rookten een sigaar, dronken een glas, deden een plas en alles bleef zoals het was”. (http://keurmerkpaardenwelzijn.nl/wordpress/criteria-2/)

Het begint hoopvol met

“Het paard is van nature een steppedier, waarvan anatomie en fysiologie zich hebben aangepast aan 5-10 km scharrelend foerageren verdeeld over 24 uur. De verdediging van een paard in de vrije natuur bestaat uit het permanent gebruik maken van accurate en gedetailleerde waarneming van groepsgenoten en omgeving. De verdediging tegen predatoren bestaat uit ten eerste hun zeer goede zintuigen te gebruiken en bij twijfel het snel weg springen en het vermogen om lang en hard te lopen. Het bewegingsstelsel van paarden is voor beide taken uitermate geschikt, mits pezen, ligamenten et cetera dagelijks worden getraind.”

Dit lijkt me toch ontzettend duidelijk. Waar in dit verhaal is níet duidelijk dat een steppedier NIET in een hok hoort? Een paardgerichte huisvesting moet dus voldoen aan VVV, voer, vriendjes en vrijheid

  1. 5-10 km scharrelen per etmaal
  2. 24/7 toegang tot ruwvoer
  3. Met groepsgenoten

Misschien moet ik het nog eens spellen, want kennelijk is het niet duidelijk. Want hoe kun je na zo’n constatering dan toch het volgende opstellen:

“Dit houdt in dat het vloeroppervlak van de box minimaal 2x de stokmaat van het paard in het kwadraat moet zijn. (…) Als een paard de mogelijkheid heeft (altijd beschikbaar) om zijn hoofd over de box-wand te steken, dan wel door middel van een buitenluik, een ontbrekende wand naar het buurpaard of een opening naar de stalgang, dan wordt 1,5 m2 aan het box-oppervlak toegevoegd.”

Wat was er toch niet duidelijk aan die 5 a 10 kilometer? In een box legt een paard nog geen kwart kilometer af! Bovendien is dit voor het eerst dat iemand wiskundig in staat is geweest om een derde dimensie toe te voegen aan twee dimensies; oftewel het vloeroppervlak wordt groter als er een luik naar buiten is.

Maar het wordt nog erger:

“Daarom is het op dit moment mogelijk om voor het KPW te kleine boxen (mits niet meer dan 20% te klein) te compenseren door tenminste 6 maal per week 1 uur/dag (in plaats van 0.5 uur) vrije beweging te geven.”

Wat was er toch niet duidelijk aan die 5 tot 10 km per etmaal? Een half uur vrije beweging is niets. Misschien wordt het duidelijker als we dit projecteren op een hond en een kat:

“Een kat moet in zijn kattenbak wel kunnen draaien en liggen, het oppervlak van de kattenbak wordt met een halve vierkante meter groter gerekend als er een luikje in zit. Het is wel belangrijk dat een kat een half uur per dag van zijn kattenbak af kan en het baasje zo’n twee uur per dag de kat mee uit wandelen neemt. Dan is het verder prima dat de kat 21,5 uur per etmaal in z’n kattenbak verblijft en krijgt de kattenbak het welzijnskeurmerk”

Dan klinkt het ineens idioot en elk dierenasiel die dit zou doen zou per direct gesloten worden of op z’n minst rotte eieren tegen de ruit krijgen.

Maar we zijn nog niet klaar:

“Er moet 24/7 minimaal visueel contact kunnen zijn voor ieder paard, maar bij voorkeur moet ook fysiek contact mogelijk zijn. De boxen moeten dus zodanig gebouwd zijn dat paarden elkaar in ieder geval kunnen zien en daar waar mogelijk ook kunnen aanraken. Dit kan verwezenlijkt worden door tralies tussen boxen, buitenluiken, ‘snuffelgaten’ in verder gesloten boxwanden.”

Dus als ik kattenbakken tegen elkaar aan zet met kleine gaatjes erin, is het al visueel en dus ook een soort van sociaal contact?

En als je denkt dat je alles gehad hebt lees je dit:

“Vrije beweging (met mogelijkheid tot visueel contact met andere paarden): minimaal zes keer per week een half uur voor alle aanwezige paarden; deze vrije beweging moet in een ruimte zijn waar een paard ook een kort ‘sprintje’ kan maken en hiervoor wordt wel aangehouden 5 galopsprongen (± 17.5 meter) of 7 paardlengten; dat komt voor warmbloeden neer op bijvoorbeeld een paddock van 7,5 x15 meter; wanneer er meerdere paarden bij elkaar worden gezet moet er wel voldoende ruimte zijn om elkaar te ontwijken.”

Een paard mag zijn vrije half uurtje dus doorbrengen op een postzegel van 7 paardlengten, dat is ongeveer 15 a 20 meter. Dat is dus nog niet eens de korte zijde van een dressuurbak!

Als we dit nog even extrapoleren op onze kat;

“Vrije beweging van de kat moet in een ruimte zijn waar de kat vijf sprongen kan maken en ongeveer 7 katlengtes lang; 2,5 a 3 meter is voldoende. U kunt hem dus prima even loslaten in uw eigen wc die hoogstwaarschijnlijk wel de genoemde afmetingen heeft.”

Dit hele keurmerk is dus gewoon weer het goedpraten van de hamster in de broodtrommel, de kat in de kattenbak en de hond in de bench. Een hamster hoort niet in een broodtrommel, de kat niet op z’n bak, de hond niet in de bench en een paard is geen fiets die in een hok moet. Het ergste is dat er weer een deskundige gestrikt is om het keurmerk van de kattenbak kracht bij te zetten.

Update; inmiddels zijn we zelf een initiatief gestart:

www.hetnieuwepaardenhouden.nl

Een website voor paardeneigenaren die op zoek zijn naar een betere plek voor hun paard. Dit is een (gratis) alternatief voor het keurmerk paarden welzijn, waarbij een half uurtje loslopen en maximaal zes uur zonder ruwvoer een voorwaarde zijn.

Het kan namelijk wél; paarden buiten in de winter op veengrond en het kan wél; paarden altijd buiten in de randstad! Samen met meer dan 400 paardenliefhebbers in de gelijknamige facebookgroep is onderstaande kaart tot stand gekomen in nog geen week tijd! Klik op de kaart:

 

Handleiding Keurmerk Paard en Welzijn